Het ontstaan van de Federatie van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland.


Sinds 1881 bestaat de Bond van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland (verder te noemen de bond). Een aantal van de thans bij de Federatie van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland (verder te noemen de federatie) aangesloten gemeenten was voorheen lid van genoemde bond. Tussen 1980 en 1990 ontstond er bij een aantal gemeenten binnen de bond verontrusting over de richting waarin de bond zich bewoog. Dit had te maken met spanningen rond de ontwikkeling van de theologische opleiding binnen de bond, toenemende vrijzinnigheid (liberale theologie), het waarheidsgehalte van de Bijbel, het conflict rond de IKON en de aansluiting bij de Wereldraad van kerken.

In 1985 wordt een eerste poging gedaan om de zogenoemde verontruste gemeenten bij elkaar te krijgen. Dit mislukt. Twee jaar later wordt op initiatief van de VEG Hendrik-Ido Ambacht een tweede poging gedaan. Deze poging slaagt wel en circa vijftien gemeenten besluiten elkaar te ontmoeten om te spreken over wat hen verontrust en hoe daar verder mee te handelen.

 


Langzaam maar zeker werd duidelijk dat binnen de bond blijven geen optie was en het blijven hangen in het verontrust zijn evenmin. In een vergadering op 23 november 1991 te Zwijndrecht wordt het initiatief genomen om te komen tot een duidelijker samenwerkingsverband.

Op 15 januari 1994 wordt in een vergadering te Hilversum de Federatie van Vrije Evangelische Gemeenten in Nederland opgericht. In deze vergadering wordt ook het eerste officiële bestuur gekozen. Deelnemende gemeenten van dit eerste uur zijn Emmeloord, Gorinchem (de Ark), V.E. Gemeente Groningen, Hilversum, Huizen, Westkapelle, Zaandam, Zeist en Zwijndrecht. Tijdens de oprichtingsvergadering wordt uitgesproken dat de federatie geen rechtspersoon mag worden of een rechtspositionele opstelling hebben. Met federatie wordt bedoeld een vrijwillig - maar niet vrijblijvend - samenwerkingsverband van autonome, zelfstandige gemeenten.